Middelen aantrekken

Door de coronacrisis hebben ondernemingen behoefte aan extra liquide middelen. De overheid ondersteunt ondernemingen hierbij door het verkrijgen van kredieten te vergemakkelijken. Ook zijn er vanwege de coronacrisis speciale maatregelen getroffen om ondernemingen te ‘subsidiëren’. Daarnaast is het voor sommige ondernemers mogelijk om extra middelen te verkrijgen door toeslagen aan te vragen of hun recht op toeslagen te wijzigen.

check Bijgewerkt tot 10 juli 2020

spiralbound Practice note

Krediet

Vanwege de coronacrisis hebben veel ondernemingen behoefte aan extra liquiditeit. De overheid wil ondernemingen hierin tegemoet komen door op diverse manieren de kredietverstrekking te vergemakkelijken.

Bbz (Tozo 2, zelfstandigen, ook dga’s)

Zelfstandige ondernemers kunnen op basis van een tijdelijke regeling extra bedrijfskapitaal aanvragen (Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandige ondernemers (Tozo)). De tijdelijke regeling is gebaseerd op het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (Bbz) en geldt sinds 1 maart 2020 (Tozo 1). Vanaf 1 juni 2020 geldt de Tozo 2, met enigszins aangepaste voorwaarden.

Het aanvragen van extra krediet op basis van de Tozo 2 kan sinds 1 juni en loopt via de gemeente, vaak digitaal. Is er al eerder een beroep gedaan op de Tozo 1, dan kan een verkorte aanvraagprocedure worden gevolgd. Er vindt geen automatische verlenging plaats.

Gemeenten proberen binnen vier weken op een aanvraag te reageren. Lukt dat niet, dan kunnen ze een voorschot geven.

Extra bedrijfskapitaal

Op basis van de tijdelijke regeling:

  • kan versneld een lening voor bedrijfskapitaal van maximaal € 10.157 worden aangevraagd; en
  • zal het rentepercentage voor die lening lager dan gebruikelijk worden vastgesteld, namelijk op 2% in plaats van 8%.

De maximale looptijd van de lening is drie jaar. Tot 1 januari 2021 hoeft er nog niet te worden afgelost.

Voorwaarden

Om van de regeling gebruik te kunnen maken, moet aan de volgende voorwaarden worden voldaan:

  • het gaat om gevestigde zelfstandigen, vanaf 18 jaar (inclusief zelfstandigen die de AOW-gerechtigde leeftijd reeds hebben bereikt);
  • de zelfstandige moet in Nederland of in een andere EU-lidstaat wonen en daar rechtmatig verblijven;
  • het bedrijf of beroep moet in Nederland worden uitgeoefend;
  • er moet worden voldaan aan de wettelijke vereisten voor de uitoefening van het eigen bedrijf;
  • het krediet bedraagt voor de Tozo 1 en de Tozo 2 gezamenlijk maximaal € 10.157;
  • de onderneming moet voor 1 januari 2020 zijn gestart en er moet aan het urencriterium worden voldaan; en
  • de zelfstandige moet verklaren dat er geen surseance van betaling of faillissement is aangevraagd voor hemzelf, de onderneming of een vennoot waarmee wordt samengewerkt.

Op basis van het urencriterium moet er 1.225 uur per jaar voor de onderneming zijn gewerkt. Als een onderneming nog geen jaar geleden is gestart, moet in de periode voor 1 maart 2020 gemiddeld minimaal 24 uur per week voor de onderneming zijn gewerkt.

Via de overheidssite krijgiktozo.nl kan snel worden gecontroleerd of in een bepaalde situatie recht bestaat op toepassing van deze regeling. Bovendien verwijst deze site direct door naar de aanvraagsite voor Tozo van de van toepassing zijnde gemeente. Dit voorkomt zoekwerk.

Bbz (Tozo 1, zelfstandigen, ook dga’s)

Zelfstandige ondernemers konden op basis van een tijdelijke regeling extra bedrijfskapitaal aanvragen (Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandige ondernemers (Tozo 1)). De tijdelijke regeling, gebaseerd op het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (Bbz), gold vanaf 1 maart 2020 tot 1 juni 2020.

Het aanvragen van extra kapitaal via de Tozo 1 is niet meer mogelijk. Gemeenten proberen binnen vier weken op een reeds ingediende aanvraag te reageren. Lukt dat niet, dan kunnen ze een voorschot geven.

Extra bedrijfskapitaal

Op basis van de Tozo 1:

  • wordt de toets op levensvatbaarheid van de onderneming niet toegepast, die in de reguliere regeling standaard is ( art. 2 Bbz );
  • wordt geen vermogens- of partnertoets toegepast, wat in de reguliere regeling wel gebeurt ( art. 3 Bbz );
  • kon versneld een lening voor bedrijfskapitaal van maximaal € 10.157 worden aangevraagd; en
  • zal het rentepercentage voor de lening lager dan gebruikelijk zijn vastgesteld, namelijk op 2% in plaats van 8%.

De maximale looptijd van de lening is drie jaar. Tot 1 januari 2021 hoeft er nog niet te worden afgelost.

Voorwaarden

Om van de regeling gebruik te kunnen maken, moest aan de volgende voorwaarden worden voldaan:

  • het gaat om gevestigde zelfstandigen, vanaf 18 jaar (inclusief zelfstandigen die de AOW-gerechtigde leeftijd reeds hebben bereikt);
  • de zelfstandige moet in Nederland of in een andere EU-lidstaat wonen en daar rechtmatig verblijven;
  • het bedrijf of beroep moet in Nederland worden uitgeoefend;
  • er moet worden voldaan aan de wettelijke vereisten voor de uitoefening van het eigen bedrijf;
  • de onderneming moet voor 1 januari 2020 zijn gestart en er moet aan het urencriterium worden voldaan; en
  • de zelfstandige moet in de gemeente wonen waar de aanvullende inkomensondersteuning is aangevraagd.

Op basis van het urencriterium moet er 1.225 uur per jaar voor de onderneming zijn gewerkt. Als een onderneming nog geen jaar geleden is gestart, moet in de periode voor 1 maart 2020 gemiddeld minimaal 24 uur per week voor de onderneming zijn gewerkt.

BMKB (MKB-ondernemers)

De Borgstelling MKB-Kredieten (BMKB) ondersteunt ondernemers bij het verkrijgen van leningen. Dat gebeurt door het onderpand voor een lening te vergroten. De BMKB is bedoeld voor ondernemingen met maximaal 250 (fte) werknemers en een jaaromzet tot € 50 miljoen of een balanstotaal tot € 43 miljoen.

Vanwege de coronacrisis is er sinds 16 maart een tijdelijke maatregel voor de BMKB. Bedrijven die, de coronacrisis buiten beschouwing gelaten, financieel gezond zijn, kunnen een borgstellingskrediet van 75% in plaats van 50% verkrijgen. Verder is de premie verlaagd van 3,9% naar 2% bij een looptijd tot en met twee jaar en naar 3% bij een looptijd tot en met vier jaar. Hierdoor kunnen ondernemers gemakkelijker en sneller een krediet verkrijgen.

Gebruikmaken van de BMKB kan door contact op te nemen met de kredietverstrekker van de onderneming. De kredietverstrekker meldt zich bij de RVO. Zowel bancaire als niet-bancaire kredietverstrekkers kunnen dit doen.

Corona-Overbruggingslening (startups, scale-ups en innovatieve MKB-ondernemingen)

De overheid wil het ook voor startups en scale-ups die getroffen worden door de coronacrisis mogelijk maken om een overbruggingskrediet aan te vragen. Dit gaat via de Corona-Overbruggingslening (COL). De Regionale Ontwikkelingsmaatschappijen (ROM’s) voeren deze regeling uit.

De ROM’s verstrekken leningen van € 50.000 tot € 2 miljoen. Bij bedragen boven € 250.000 wordt verwacht dat de aandeelhouders of andere investeerders 25% cofinancieren. Het rentetarief bedraagt 3% (+ een premium van 2% per jaar bij leningen boven € 500.000). De looptijd is in beginsel drie jaar.

De COL kan sinds 29 april worden aangevraagd via ROM-Nederland. Aanvragen voor leningen tot € 500.000 worden, zo is het streven, binnen maximaal 14 werkdagen afgehandeld. Voor overige aanvragen geldt een streeftermijn van drie werkweken.

GO (ondernemingen)

Als ondernemingen problemen hebben om bankleningen en bankgaranties te verkrijgen, kunnen zij gebruikmaken van de Garantie Ondernemingsfinanciering (GO-regeling). De bank krijgt dan een 80%-garantie op een lening voor grootbedrijven en een 90%-garantie op een lening voor het MKB, waardoor het risico wordt verkleind. Banken verstrekken daardoor sneller een lening aan ondernemers.

Het garantiebudget van de GO-regeling wordt verhoogd naar € 10 miljard. Het maximum per onderneming wordt verhoogd van € 50 miljoen naar € 150 miljoen.

Klein Krediet Corona garantieregeling (KKC)

Het kabinet helpt ook ondernemingen met een relatief kleine financieringsbehoefte. Daarom is de KKC geïntroduceerd. Daarmee kunnen ondernemingen kredieten aanvragen van € 10.000 tot € 50.000. De ondernemingen moeten minimaal € 50.000 omzet behalen, sinds 1 januari 2019 zijn ingeschreven in het handelsregister en voor de coronacrisis voldoende winstgevend zijn geweest. Kredietverstrekkers die een dergelijke kredietaanvraag honoreren krijgen een overheidsgarantie van 95%. De looptijd van kredieten onder de KKC bedraagt maximaal vijf jaar.

Sinds 29 mei kan de KKC worden aangevraagd via de kredietverstrekker.

Exportkredietverzekeringen

De coronacrisis heeft een aanzienlijke invloed op de internationale handel. Om de handel zoveel mogelijk in stand te houden, verruimt de overheid de mogelijkheden voor exportkredietverzekeringen. Met een exportkredietverzekering kan een onderneming zich verzekeren tegen het risico dat klanten niet betalen. Dit geldt voor transacties vanaf circa € 200.000. De dekking ligt tussen de 90 en 98%. De verzekering betaalt doorgaans na verloop van de wachttermijn van drie maanden vanaf de vervaldatum van de factuur.

Voor de exportkredietverzekering van de overheid gelden onder andere de volgende voorwaarden:

  • de onderneming is in Nederland gevestigd;
  • er worden kapitaalgoederen of gerelateerde diensten vanuit Nederland geëxporteerd of het gaat om een aannemer van bouwprojecten in het buitenland; en
  • het gaat om een risico dat een particuliere verzekeraar niet kan verzekeren.

De verruiming vanwege de coronacrisis houdt in dat:

  • dekking op kortlopende exportkredieten mogelijk wordt gemaakt;
  • indirecte exporttransacties in verzekering worden genomen;
  • het landenbeleid en de landenplafonds worden verruimd;
  • exportkredietgaranties op bestaande leningen worden verleend;
  • het gedekte percentage op contragaranties en werkkapitaaldekkingen wordt verhoogd;
  • het aanbetalingsvereiste van 5% vervalt; en
  • de werkprocessen worden versneld.

Een exportkredietverzekering wordt aangevraagd via ADSB (Atradius Dutch State Business, https://atradiusdutchstatebusiness.nl/nl/).

BL-C (land- en tuinbouwbedrijven)

Voor land- en tuinbouwbedrijven is er een borgstelling voor werkkapitaal onder de regeling Borgstelling MKB-landbouwkredieten (BL). Deze regeling lijkt op de GO-regeling. Met ingang van 18 maart 2020 zijn de mogelijkheden voor borgstelling verruimd met een borgstelling voor overbruggingskrediet (BL-C). Gezonde land- en tuinbouwbedrijven die door de coronacrisis worden getroffen, kunnen hierdoor gefinancierd blijven.

Het maximale borgstellingskrediet bedraagt per bedrijf € 1,2 miljoen. Met het BL-C-krediet kan nog eens € 300.000 extra worden gefinancierd. De maximale looptijd van het BL-C-krediet is twee jaar.

Zorgverzekeraars Nederland (zorgaanbieders/zorgverleners)

Zorgaanbieders werken enorm hard om de coronacrisis zo goed mogelijk door te komen. Dit gaat gepaard met de inzet van extra middelen. Om te voorkomen dat hierdoor financiële problemen ontstaan, heeft Zorgverzekeraars Nederland (hierin zijn de zorgverzekeraars verenigd) beloofd zorgaanbieders financieel te ondersteunen in de vorm van een continuïteitsbijdrage. De bedoeling is voorts dat de extra kosten die vanwege de coronacrisis worden gemaakt, gedeclareerd kunnen worden en snel zullen worden vergoed. Zorgaanbieders die van deze regeling gebruik willen maken, mogen geen beroep op de algemene overheidsmaatregelen doen. Een uitzondering geldt voor de fiscale regelingen en voor het deel van de omzetdaling dat resteert na de bijdrage door Zorgverzekeraars Nederland. In zoverre mag dus wel een beroep op de algemene overheidsmaatregelen worden gedaan. Zorgverzekeraars Nederland heeft deze en alle overige voorwaarden op een rijtje gezet.

Zorgaanbieders die niet rechtstreeks betrokken zijn bij de zorg voor coronapatiënten, kunnen een maandelijkse continuïteitsbijdrage ontvangen. Dit geldt voor gecontracteerde en niet-gecontracteerde zorgaanbieders. Sinds 20 mei kunnen alle zorgaanbieders met een jaarlijkse omzet lager dan € 10 miljoen de bijdrage aanvragen. Dit loopt via VECOZO. Er geldt een terugwerkende kracht naar 1 maart. Met zorgaanbieders met een jaarlijkse omzet vanaf € 10 miljoen worden specifieke afspraken gemaakt.

Leverancierskrediet

Veel winkels en horecazaken worden bevoorraad op basis van leverancierskrediet. De leverancier verzekert zich daarmee van het feit dat hij betaald wordt. Omdat door de coronacrisis problemen ontstaan hiermee, herverzekert de overheid de overeenkomsten van de leveranties tot een bedrag van € 12 miljard. Daardoor kunnen ondernemingen bevoorraad blijven worden. Wel geldt voor de verzekeraars een eigen risico van 10% over het eerste miljard euro aan schade.

De herverzekering geldt voor geheel 2020. Verzekeraars die nog niet in beeld zijn, kunnen zich nog tot 1 juli 2020 melden om deel te nemen aan de herverzekering.

Crowdfunding

Crowdfunding kan een aantrekkelijk alternatief vormen om extra liquiditeit te verkrijgen op de langere termijn. Nadeel is dat de voorbereiding tijd vergt, en succes is niet gegarandeerd.

Sale and lease back

Ook sale and lease back is interessant voor de langere termijn, omdat er veel liquiditeit mee gewonnen kan worden. Een onderneming verkoopt een pand of een ander activum en least dat weer terug. Hij ontvangt de verkoopopbrengst direct en betaalt gespreid in de tijd de leasetermijnen. Veel banken bieden deze mogelijkheid of kunnen doorverwijzen naar een partner.

“Subsidie”

Naast de ondersteuning bij kredietaanvragen wil de overheid de liquiditeit van ondernemingen ook vergroten door een soort van subsidies te betalen. Er zijn verschillende maatregelen.

Bbz ( Tozo 2, zelfstandigen, ook dga’s)

Veel zelfstandigen derven door de coronacrisis inkomsten. Dit geldt bijvoorbeeld voor de culturele sector en de horeca. Daarom heeft de overheid een tijdelijke ondersteuningsmaatregel (Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandige ondernemers (Tozo)) ingesteld. De tijdelijke regeling is gebaseerd op het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (Bbz) en geldt sinds 1 maart 2020. Vanaf 1 juni tot en met 30 september 2020 geldt de Tozo 2, met enigszins aangepaste voorwaarden.

Het aanvragen van inkomensondersteuning op basis van de Tozo 2 kan sinds 1 juni en loopt via de gemeente, vaak digitaal. Is er al eerder een beroep gedaan op de Tozo 1, dan kan een verkorte aanvraagprocedure worden gevolgd. Er vindt geen automatische verlenging plaats.

Gemeenten proberen binnen vier weken op een aanvraag te reageren. Lukt dat niet, dan kunnen ze een voorschot geven.

Voorwaarden

Op basis van de tijdelijke regeling kunnen zelfstandige ondernemers onder voorwaarden een aanvullende uitkering voor levensonderhoud aanvragen. Het inkomen kan hierdoor worden aangevuld tot het sociaal minimum. Het exacte bedrag van de uitkering hangt af van de samenstelling van het huishouden en het inkomen. Als een ondernemer ook inkomsten uit loondienst heeft, is er slechts recht op ondersteuning vanuit de Tozo tot aan het sociaal minimum.

Om van de regeling gebruik te kunnen maken, moet aan de volgende voorwaarden worden voldaan:

  • het gaat om gevestigde zelfstandigen, vanaf 18 jaar tot de AOW-gerechtigde leeftijd;
  • de zelfstandige moet in Nederland wonen en rechtmatig in Nederland verblijven;
  • het moet gaat om een Nederlander of een daarmee gelijkgestelde;
  • het bedrijf of beroep moet in Nederland of in een andere EU-lidstaat worden uitgeoefend;
  • er moet worden voldaan aan de wettelijke vereisten voor de uitoefening van het eigen bedrijf;
  • de onderneming moet voor 1 januari 2020 zijn gestart en er moet aan het urencriterium worden voldaan;
  • de zelfstandige moet in de gemeente wonen waar de aanvullende inkomensondersteuning wordt aangevraagd; en
  • uit de partnerinkomenstoets moet volgen dat het huishoudinkomen niet boven het sociaal minimum uitkomt.

Op basis van het urencriterium moet er 1.225 uur per jaar voor de onderneming zijn gewerkt. Als een onderneming nog geen jaar geleden is gestart, moet in de periode voor 1 maart 2020 gemiddeld minimaal 24 uur per week voor de onderneming zijn gewerkt.

Via de overheidssite krijgiktozo.nl kan snel worden gecontroleerd of in een bepaalde situatie recht bestaat op toepassing van deze regeling. Bovendien verwijst deze site direct door naar de aanvraagsite voor Tozo van de van toepassing zijnde gemeente (de woonplaats van de ondernemer, niet de vestigingsplaats van de onderneming), nadat de postcode van de ondernemer is ingegeven. Dit voorkomt zoekwerk.

De tijdelijke regeling is gebaseerd op het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (Bbz). Op basis van de tijdelijke regeling:

  • wordt binnen vier weken gedurende maximaal drie maanden inkomensondersteuning verstrekt (nu kan dat 13 weken duren ( art. 35 Bbz )); en
  • bedraagt de inkomensondersteuning maximaal € 1.500 netto per maand.

De inkomensondersteuning op basis van de tijdelijke regeling wordt om niet verstrekt, wat betekent dat deze dus niet terugbetaald hoeft te worden.

Bbz ( Tozo 1, zelfstandigen, ook dga’s)

Veel zelfstandigen derven door de coronacrisis inkomsten. Dit geldt bijvoorbeeld voor de culturele sector en de horeca. Daarom is de overheid met een tijdelijke ondersteuningsmaatregel (Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandige ondernemers (Tozo 1)) gekomen. De tijdelijke regeling gold vanaf 1 maart 2020 tot 1 juni 2020.

Gemeenten proberen binnen vier weken op een reeds ingediende aanvraag te reageren. Lukt dat niet, dan kunnen ze een voorschot geven.

Voorwaarden

Op basis van de Tozo 1 konden zelfstandige ondernemers onder voorwaarden een aanvullende uitkering voor levensonderhoud aanvragen. Het inkomen kan hierdoor worden aangevuld tot het sociaal minimum. Het exacte bedrag van de uitkering hangt af van de samenstelling van het huishouden en het inkomen. Als een ondernemer ook inkomsten uit loondienst heeft, is er slechts recht op ondersteuning vanuit de Tozo tot aan het sociaal minimum.

Om van de regeling gebruik te kunnen maken, moest aan de volgende voorwaarden worden voldaan:

  • het gaat om gevestigde zelfstandigen, vanaf 18 jaar tot de AOW-gerechtigde leeftijd;
  • de zelfstandige moet in Nederland wonen en rechtmatig in Nederland verblijven;
  • het moet gaat om een Nederlander of een daarmee gelijkgestelde;
  • het bedrijf of beroep moet in Nederland of in een andere EU-lidstaat worden uitgeoefend;
  • er moet worden voldaan aan de wettelijke vereisten voor de uitoefening van het eigen bedrijf;
  • de onderneming moet voor 1 januari 2020 zijn gestart en er moet aan het urencriterium worden voldaan; en
  • de zelfstandige moet in de gemeente wonen waar de aanvullende inkomensondersteuning wordt aangevraagd.

Op basis van het urencriterium moet er 1.225 uur per jaar voor de onderneming zijn gewerkt. Als een onderneming nog geen jaar geleden is gestart, moet in de periode voor 1 maart 2020 gemiddeld minimaal 24 uur per week voor de onderneming zijn gewerkt.

Op basis van de Tozo 1:

  • wordt de toets op levensvatbaarheid van de onderneming niet toegepast, die in de reguliere regeling standaard is ( art. 2 Bbz );
  • wordt geen vermogens- of partnertoets toegepast, wat in de reguliere regeling wel gebeurt ( art. 3 Bbz );
  • wordt binnen vier weken gedurende maximaal drie maanden inkomensondersteuning verstrekt (nu kan dat 13 weken duren ( art. 35 Bbz )); en
  • bedraagt de inkomensondersteuning maximaal € 1.500 netto per maand.

De inkomensondersteuning op basis van de tijdelijke regeling wordt om niet verstrekt, wat betekent dat deze dus niet terugbetaald hoeft te worden.

Noodloket (TOGS)

Ondernemingen die direct worden getroffen door de overheidsmaatregelen ter bestrijding van de coronacrisis, krijgen een gift van € 4.000 (netto, zie onderdeel 10, Besluit noodmaatregelen coronacrisis) van de overheid. Hiervoor is de Tegemoetkoming Ondernemers Getroffen Sectoren COVID-19 (TOGS) in het leven geroepen. Deze geldt voor de ondernemingen die geen of nauwelijks omzet meer behalen als gevolg van de maatregelen, zoals alle eet- en drinkgelegenheden.

Voorwaarden

De voorwaarden voor toepassing van de TOGS zijn als volgt:

  • de hoofd- of nevenactiviteit van de onderneming komt overeen met één van de activiteiten die is opgenomen in de beleidsregel (zie de website van de RVO, hierbij wordt uitgegaan van de SBI-code in het handelsregister, als deze code onjuist is kan hiervan melding worden gemaakt bij de RVO);
  • de onderneming heeft een fysieke inrichting buiten het eigen woonhuis, tenzij:
    1. het gaat om een eet- of drinkgelegenheid waar de eigenaar, huurder of pachter boven woont;

    2. het gaat om sectoren waarbij het kenmerkend is dat ondernemers een fysieke inrichting of fysieke productiemiddelen hebben buiten de woning, zoals auto- en motorrijschoolhouders;
    3. er een verklaring wordt ingediend waaruit blijkt dat de bedrijfsactiviteiten een zekere minimale omvang hebben;
  • de onderneming zal naar verwachting tussen 15 maart 2020 en 16 juni 2020 minstens € 4.000 omzetverlies lijden;
  • de vaste lasten bedragen in dezelfde periode minstens € 4.000;
  • de onderneming heeft maximaal 250 werknemers in dienst;
  • de onderneming is opgericht en ingeschreven bij de KvK op 15 maart 2020;
  • het gaat niet om een overheidsbedrijf;
  • de onderneming is niet failliet; en
  • er is geen verzoek tot verlening van surseance van betaling ingediend bij de rechtbank.

De TOGS geldt per onderneming die aan de voorwaarden voldoet. Als in een concern meerdere entiteiten aan de voorwaarden voldoen, kan voor elke entiteit de tegemoetkoming worden aangevraagd.

Als er op basis van de code van een nevenactiviteit TOGS kan worden aangevraagd, moet die nevenactiviteit voldoen aan de eis van het omzetverlies en de vaste lasten.

Wijze van aanvraag

De aanvraag van de tegemoetkoming op basis van de TOGS wordt online ingediend via de RVO-website. Dit kan tot uiterlijk 26 juni 2020, 17:00 uur. Als adviseur heb je een eHerkenningsmiddel en een machtiging van je klant nodig om dit te kunnen doen. In principe wordt binnen twee weken na de aanvraag een beslissing genomen. Vervolgens wordt, indien de tegemoetkoming wordt toegekend, binnen een paar dagen uitbetaald.

De aanvragen worden achteraf gecontroleerd. Als een aanvraag onterecht blijkt, wordt het bedrag teruggevorderd. Dit kan tot vijf jaar na de uitbetaling gebeuren.

Tegemoetkoming Vaste Lasten MKB

Op 20 mei is aangekondigd dat verschillende MKB-ondernemers (in de sectoren die ook recht hebben op de TOGS) bovenop de NOW een extra tegemoetkoming krijgen. Het gaat om een belastingvrije tegemoetkoming waarmee de vaste materiële kosten betaald kunnen worden. Afhankelijk van de omvang van de onderneming, de hoogte van de vaste kosten en de mate van omzetderving wordt een tegemoetkoming van maximaal € 50.000 voor de komende vier maanden vastgesteld.

Naar verwachting kan de Tegemoetkoming Vaste Lasten MKB vanaf medio juni worden aangevraagd.

Tijdelijke overbruggingsregeling voor Flexibele Arbeidskrachten (TOFA)

Er komt een speciale regeling voor flexwerkers, de TOFA. Deze regeling biedt een tegemoetkoming voor werknemers met een flexibel contract die door de coronacrisis nauwelijks nog inkomsten hebben en ook geen recht hebben op een uitkering. De tegemoetkoming heeft betrekking op de maanden maart, april en mei 2020.

De regeling is nog niet volledig uitgewerkt. Naar verwachting zullen de volgende voorwaarden gaan gelden:

  • de aanvrager was op 1 april 2020 minstens 18 jaar en had de AOW-gerechtigde leeftijd op dat moment nog niet bereikt;
  • het sv-loon over februari 2020 bedroeg minimaal € 400;
  • het sv-loon over maart 2020 bedroeg minimaal € 1;
  • het sv-loon over april 2020 was maximaal € 550 en minimaal 50% lager dan het sv-loon over februari 2020;
  • de aanvrager kreeg over april 2020 geen uitkering en geen andere tegemoetkoming in zijn inkomsten.

Waarschijnlijk kan de TOFA vanaf 22 juni worden aangevraagd via het UWV. De TOFA zal € 550 bruto per maand bedragen.

Regeling tegemoetkoming land- en tuinbouwondernemers

Er is een speciale tegemoetkoming voor de land- en tuinbouwsector (Regeling tegemoetkoming land- en tuinbouwondernemers COVID-19). De sierteeltsector, delen van de voedingstuinbouw en telers van fritesaardappelen kunnen deze tegemoetkoming aanvragen. Om in aanmerking te komen, moet een onderneming tussen 12 maart en 11 juni 2020 meer dan 30% van de omzet of de brutowinst hebben verloren. Voor fritesaardappeltelers geldt als voorwaarde dat zij van 16 maart tot en met 31 augustus 2020 hun producten niet kunnen verkopen.

Meer informatie over de regeling voor de sierteelt en de voedingstuinbouw is hier te vinden. Voor fritesaardappeltelers is hier meer informatie opgenomen. Aanvragen kunnen worden ingediend tot en met 18 juni 2020.

Steunfonds voor lokale en regionale media

Er is een speciaal steunfonds opgericht voor lokale en regionale media. Afhankelijk van de grootte van hun oplage en bereik ontvingen zij een bijdrage tussen de € 4.000 en enkele tienduizenden euro’s.

De aanvraag kon van 11 tot en met 19 april worden ingediend bij het Stimuleringsfonds voor de Journalistiek (https://www.svdj.nl/). Vanwege een verlenging (tot eind 2020) kunnen naar verwachting vanaf 15 juni weer opnieuw aanvragen worden ingediend.

Sportverenigingen

Ook sportverenigingen worden geraakt door de coronacrisis en krijgen daarom financiële ondersteuning. Deze bestaat uit kwijtschelding van de huur over de periode van 1 maart tot 1 juni 2020 en een eenmalige tegemoetkoming van maximaal € 2.500 voor sportverenigingen met een eigen accommodatie. De regeling moet nog nader worden uitgewerkt.

Muziekindustrie

Er is een noodfonds (Noodfonds Muziek) opgericht om de Nederlandse muziekindustrie tijdens de coronacrisis te helpen. Via noodfondsmuziek.nl kan een aanvraag worden ingediend. Auteurs, componisten en uitgevers die lid zijn van Buma en/of aangesloten zijn bij Stemra en musici en producenten die rechthebbende zijn van Sena komen onder voorwaarden in aanmerking voor een bijdrage uit het noodfonds. Er geldt een inkomenstoets over de jaren 2018 en 2019.

De bijdrage ligt tussen de € 400 en € 4.000 en wordt naar verwachting eind juli uitbetaald. Aanvragen kunnen worden ingediend tot en met 30 juni.

Schenkingen

Ondernemers kunnen ondersteund worden door donaties vanuit familie, vrienden, bekenden of derden. Voor een ondernemer is dit uiteraard een welkome aanvulling, maar er dient wel rekening te worden gehouden met de mogelijke verschuldigdheid van schenkbelasting. De vrijstellingen van schenkbelasting kunnen hierbij eventueel uitkomst bieden ( art. 33 SW ).

Toeslagen

Wijzigen of aanvragen

Als het inkomen van ondernemers terugloopt als gevolg van de coronacrisis, ontstaat er mogelijk recht op toeslagen. Was er al recht op toeslagen, dan kan er recht ontstaan op meer toeslag. Adviseurs kunnen aanvragen of wijzigingen van kinderopvangtoeslag voor hun cliënten indienen via hun softwarepakket, mits zij daartoe specifiek gemachtigd zijn. Ondernemers kunnen ook zelf een aanvraag of wijziging indienen. Zij loggen daarvoor in op ‘Mijn toeslagen’ via de site van de Belastingdienst.

Kinderopvangtoeslag

Voor de kinderopvangtoeslag geldt dat deze gewoon doorloopt zolang de factuur voor de kinderopvang volledig is betaald. Het maakt niet uit dat de opvang tijdelijk niet daadwerkelijk heeft plaatsgevonden.

De overheid heeft voorts aangegeven de eigen bijdrage van ouders voor niet-benutte kinderopvang te compenseren. Ook tijdens de gedeeltelijke openstelling van basisscholen en BSO vanaf 11 mei compenseert de overheid de eigen bijdrage. Vanaf 8 juni wordt er niets meer vergoed, vanwege het volledig openen van de kinderopvang.

In eerste instantie was het voorstel om de compensatie uit te betalen aan de kinderopvangorganisaties. Zij zouden het door ouders teveel betaalde bedrag vervolgens overmaken aan de ouders. Inmiddels is echter, vanwege de privacy en de lasten voor ouders, besloten de uitbetaling rechtstreeks aan de ouders te laten toekomen. Dit gebeurt via de SVB, naar verwachting in juli. Kinderopvangorganisaties zijn wel verantwoordelijk voor de vergoeding van de eigen bijdrage boven de maximale uurprijs.

Het advies aan ouders is om:

  • het contract met de kinderopvang door te laten lopen;
  • de factuur van het de kinderopvangorganisatie te blijven betalen; en
  • de kinderopvangtoeslag te laten doorlopen.

Debiteurenbeheer

Een goed debiteurenbeheer kan ervoor zorgen dat een onderneming meer liquide middelen ter beschikking krijgt. Er zijn diverse mogelijkheden om de liquiditeit te verbeteren.

Factureren

Een goed debiteurenbeheer begint bij het tijdig versturen van facturen. Door meteen na een levering te factureren en facturen niet op te sparen tot het einde van de week of maand, komt er sneller geld binnen. Bij facturatie per mail, ontvangt de klant de factuur nog sneller.

De standaardbetalingstermijn in Nederland is 30 dagen. Ondernemers die gebruik maken van een betalingstermijn van 30 dagen kunnen overwegen om een kortere betalingstermijn te hanteren van bijvoorbeeld 14 of 7 dagen. Dit dienen zij natuurlijk vooraf wel kenbaar te maken aan hun klanten. Bij aanpassing van de betalingstermijnen, moeten waarschijnlijk ook de algemene voorwaarden en offertes worden aangepast.

Om de liquiditeit snel te verbeteren kan ook een betalingskorting aangeboden worden bij snelle betaling, bijvoorbeeld in de vorm van een percentage of een vast bedrag. Een betalingskorting gaat wel ten koste van de winstmarge.

Aanbetaling of termijnbetaling

Het is niet ongebruikelijk om een aanbetaling aan klanten te vragen, zeker als er materialen e.d. moeten worden voorgefinancierd. Bij grotere projecten kunnen ook tussentijds facturen worden verstuurd. Dit heeft diverse voordelen, zoals de mogelijkheid om sneller in te grijpen als een betaling niet wordt voldaan en het eerder beschikken over het geld. Daarbij is het voor de klant vaak makkelijker om meerdere kleinere bedragen gespreid te betalen dan een groot bedrag ineens.

Betaling bij levering

Betaling bij levering kan heel eenvoudig door een betaalverzoek aan te maken via internetbankieren. Dit betaalverzoek kan vervolgens gedeeld worden via e-mail, sms, WhatsApp e.d. Een andere manier is bijvoorbeeld om een pinapparaat aan te schaffen.

Debiteurenlijst bewaken

Het is ook aan te raden om geregeld de debiteurenlijst door te lopen en telefonisch contact op te nemen met klanten die niet binnen de betalingstermijn hebben betaald. Zo is meteen duidelijk waarom een factuur nog niet betaald is. Wanbetalers moeten altijd een aanmaning ontvangen. Zo staat vast dat de klant juridisch gezien in verzuim is. Dat is niet alleen belangrijk voor de incassokosten, maar ook voor eventuele latere juridische stappen.

Zodra het zeker is dat een vordering (gedeeltelijk) oninbaar is, is het mogelijk de reeds afgedragen btw terug te vragen in de btw-aangifte over het tijdvak waarin de oninbaarheid is ontstaan. Een vordering wordt in ieder geval als oninbaar aangemerkt uiterlijk een jaar na het verstrijken van de uiterste betaaltermijn. Is er geen betalingstermijn vastgelegd, dan geldt de wettelijke betalingstermijn van 30 dagen na ontvangst van de factuur door de klant.

Corona - Wat iedere ondernemer moet weten

Het dossier ‘Corona - wat iedere ondernemer moet weten!’ helpt ondernemers om overzicht te behouden over alle bijzondere maatregelen die nu van kracht zijn. Bovendien wordt er helder beschreven wat een ondernemer kan doen op financieel en juridisch gebied en wat er arbeidsrechtelijk speelt, inclusief het thuiswerken.In deze update van het dossier (bijgewerkt tot 15 april 2020) zijn alle extra kredietmogelijkheden, alle aanpassingen en uitwerkingen van de loonkostensubsidie (NOW) en alle maatregelen voor zelfstandigen opgenomen. Ook zijn er twee heldere overzichten toegevoegd van alle regelingen, wat geldt er voor wie?Het dossier is geschreven in de taal van de ondernemer. Dit is onze kleine bijdrage om u te helpen deze coronacrisis door te komen. 

Infographic: Noodpakket voor banen en economie. Tijdelijke financiële regelingen.

Overzicht van tijdelijke financiële regelingen voor ondernemers die getroffen zijn door de coronacrisis op het gebied van tegemoetkoming inkomsten en salarissen, uitstel belastingen en versoepeling kredieten.

Liquiditeitsplanning

Een ondernemer zal de financiële kant van zijn onderneming in de gaten moeten houden. Welke inkomsten verwacht hij de komende tijd? En welke uitgaven?

E-debiteuren

Deze rekentool houdt de vervaldata van de gemaakte facturen in de gaten.

Voorziening dubieuze debiteuren

Iedere ondernemer wordt vroeg of laat geconfronteerd met een afnemer die niet kan betalen. Voor dit risico kan fiscaal een voorziening worden gevormd, de zogenoemde 'voorziening voor dubieuze debiteuren'.

Adviestool tegemoetkoming schade COVID-19 (TOGS)

Met deze tool kan worden gecontroleerd of het voor een onderneming mogelijk is om de TOGS aan te vragen. Uitgangspunt hierbij is de SBI-code van de onderneming. Vervolgens moeten enkele vragen worden beantwoord over de situatie van de onderneming. Als er recht is op TOGS, kan direct worden doorgeklikt naar het aanvraagformulier.

Overzicht data en termijnen coronamaatregelen

De overheid biedt op diverse vlakken ondersteuning aan ondernemingen om de coronacrisis door te komen. Dit document geeft een overzicht van de verschillende regelingen, de periode waarin ze gelden en de periode waar ze aangevraagd kunnen worden. Ook is opgenomen op welke wijze een aanvraag voor de betreffende regelingen kan worden ingediend.

TOFA-regeling twee weken langer open (10 juli 2020)

Zzp’er en geen Tozo, hoe zit dat? (2 juli 2020)

Subsidieregeling visserij stopt 31 augustus 2020 (2 juli 2020)

Banken speuren naar fraude met coronasubsidies (30 juni 2020)

Aanvraag TVL vanaf 30 juni (29 juni 2020)

Rekenkamer onderzocht overheidssteun grote ondernemingen (26 juni 2020)

KLM krijgt 3,4 miljard euro steun (26 juni 2020)

Kabinet onderzoekt deeltijd-WW (25 juni 2020)

Fiscale voorwaarden voor individuele steun discutabel (23 juni 2020)

Oeps, dubbel betaald (22 juni 2020)

Aanvragen tegemoetkoming TOFA vanaf maandag 22 juni (22 juni 2020)

Fiscale voorwaarden bij individuele steun bedrijven (19 juni 2020)

Langer en meer steun voor Caribisch Nederland (19 juni 2020)

Besluit noodmaatregelen coronacrisis geactualiseerd (18 juni 2020)

Nederland wil drastische aanpassing plannen herstelfonds EC (17 juni 2020)

Uitbreiding lijst SBI-codes (17 juni 2020)

Regeling voor culturele sector gepubliceerd (15 uni 2020)

Wijzigingen in steunmaatregel land- en tuinbouw (15 juni 2020)

Langer compensatie voor zorgaanbieders (15 juni 2020)

Vierde voorschot gemeenten Tozo (12 juni 2020)

Tozo en studentondernemers (10 juni 2020)

2,5 miljoen werkenden maken gebruik van noodmaatregelen (8 juni 2020)

Steun voor ov-bedrijven (5 juni 2020)

Garantstelling overheid herverzekering leverancierskredieten 90% (2 juni 2020)

Aanvraag Klein Krediet Corona vanaf 29 mei mogelijk (29 mei 2020)

Crisis of niet: doorgaan met factureren (29 mei 2020)

Lokale media krijgen langer steun (29 mei 2020)

Compensatie coronacrisis voor gemeenten (28 mei 2020)

Steunpakket cultuursector uitgewerkt (27 mei 2020)

EC wil Europese belasting voor grote bedrijven (27 mei 2020)

Eerste terugvorderingen voor onterechte steun (24 mei 2020)

Steunpakket voor economie met drie maanden verlengd (20 mei 2020)

Tijdelijke verlaging maximale kredietvergoeding (19 mei 2020)

Nieuwe steunpakket biedt hogere compensatie voor vaste lasten (19 mei 2020)

Loket voor grensondernemers voor aanvragen lening bedrijfskapitaal (18 mei 2020)

Drukte bij FIOD door coronafraude (15 mei 2020)

‘Strengere voorwaarden Tozo-regeling’ (15 mei 2020)

Subsidieregeling voor vissers 15 mei open (14 mei 2020)

Engelstalige corona-informatie voor ondernemers (13 mei 2020)

Regeling tegemoetkoming land- en tuinbouwondernemers (11 mei 2020)

Extra overbruggingskrediet kleine bedrijven (8 mei 2020)

Vanaf 7 mei aanvraag tegemoetkomingen agrarische sector mogelijk (7 mei 2020)

Maandelijkse continuïteitsbijdrage voor zorgaanbieders (2 mei 2020)

Noodfonds voor muziekindustrie (1 mei 2020)

Criteria kredietregelingen versoepeld (28 april 2020)

Overbruggingskrediet startups vanaf 29 april (25 april 2020)

Antwoorden op Kamervragen Tozo (15 april 2020)

Uitbreiding steun voor ondernemers (7 april 2020)

Verruiming garantstelling overheid voor kredietverstrekking door banken aan (middel)grote ondernemers (27 maart 2020)

Noodloket voor ondernemers geopend (27 maart 2020)

Verruiming exportkredietverzekeringen (26 maart 2020)

CPB: recessie onvermijdelijk (26 maart 2020)

Europese Commissie soepeler bij steun aan bedrijven (20 maart 2020)