Rechtspraak wil eigen ervaring met effecten wetgeving en beleid vaker delen

10 mei 2021

In het op 22 april verschenen jaarverslag van de Rechtspraak uit Henk Naves, voorzitter van de Raad voor de rechtspraak, zijn zorgen over de coronasteunwetgeving en de Jeugdwet. In beide gevallen ligt onrecht op de loer, schrijft hij in zijn jaarbericht. Het is een van de manieren waarop de Rechtspraak meer betrokkenheid wil tonen bij bestaand beleid en wetgeving. Rechters zien dagelijks de effecten van wetgeving en de uitvoeringspraktijk. Door deze ervaringen te delen kunnen volgens Naves onrechtvaardige situaties in de toekomst worden voorkomen.

Toeslagenaffaire

In het jaarbericht blikt de voorzitter van de Raad terug op een jaar dat werd gedomineerd door de coronacrisis, maar ook door de toeslagenaffaire: 'Voor duizenden was 2020 het jaar waarin hun leed eindelijk erkenning kreeg.' De Rechtspraak moet daarop haar verantwoordelijkheid nemen en bijdragen aan verbetering, stelt Naves. Naar aanleiding van de toeslagenaffaire probeert de Rechtspraak in kaart te brengen of er op meer plekken vergelijkbare problemen spelen. Of jurisprudentie te knellend is, wetten te rigide zijn of de uitwerking daarvan schrijnend.

Coronasteunwet

Zo zijn er zorgen over de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) en de tijdelijke Noodmaatregel Overbrugging voor Werkgelegenheid (NOW), bedoeld om financiële steun te verlenen aan bedrijven en ondernemers die zijn getroffen door de coronacrisis. Maar de regelingen herbergen het risico hard – misschien wel te hard – uit te pakken voor sommige mensen. Naves: 'De expliciete datum die bepaalt of wel of geen steun kan worden verleend, kan onrecht in de hand werken en het is maar de vraag of de rechter ruimte heeft om dit onrecht in de zittingszaal te corrigeren.' De Rechtspraak houdt aan de hand van rechtszaken hierover in de gaten of dit onrecht zich daadwerkelijk manifesteert.

Jeugdwet

Ook noemt Naves de Jeugdwet als voorbeeld van bestaande wetgeving waar onrecht dreigt. In 2012 toonde de Raad voor de rechtspraak zich in een uitgebreid advies (pdf, 209,2 KB) al bezorgd. 'Inmiddels is het wetsvoorstel van destijds al een aantal jaren wet en is duidelijk geworden dat kinderen die hulp nodig hebben ondanks deze wet – of misschien zelfs wel als gevolg daarvan – in de knel zitten.' Dit ligt volgens Naves niet alleen aan de wet, maar ook aan de uitvoering en schaarse middelen die hiervoor beschikbaar zijn. 'Aanpassing van het stelsel is nodig, zodat kinderen en ouders niet meer zo lang op hulp hoeven te wachten.'

Trias politica

Voor de Rechtspraak is deze reflectie op bestaand beleid en wetgeving niet vanzelfsprekend vanwege de verhoudingen tussen staatsmachten. Naves: ‘We begeven we ons op onbekend terrein, volledig bewust van de grenzen die de scheiding der machten dicteert. Tegelijkertijd moet respect voor de trias een open gesprek niet in de weg staan. Zeker niet als zo’n gesprek onrechtvaardigheid kan voorkomen.’ Hij wil ervoor waken de grenzen van de trias politica niet te overschrijden. ‘Onze bijdrage moet constructief en dienend aan de samenleving zijn en het evenwicht tussen de staatsmachten niet verstoren. Het is een zoektocht vol gevoeligheden, maar ik denk wel dat deze koorddans noodzakelijk is. Want er zijn zorgen.'

Bron: Raad voor de rechtspraak, 22 april 2021