Meer thuiswerken na de coronacrisis

28 januari 2021

Na de coronacrisis verwachten werkenden gemiddeld acht uur per week thuis te werken. Dat is een verdubbeling ten opzichte van het aantal thuiswerkuren voor de coronacrisis. Wel verwachten werkenden ook na de coronacrisis het merendeel van de werktijd op de werkplek te werken. Dit blijkt uit een enquête uit december 2020 onder bijna drieduizend deelnemers van het LISS-panel.

Zowel mannen als vrouwen verwachten na de coronacrisis gemiddeld (ruim) twee keer zoveel uren thuis te werken als voor de coronacrisis. Met name in de sectoren overheid en financiële en zakelijke dienstverlening verwachten werkenden na de coronacrisis meer thuis te werken. In sectoren waar gezien de aard van het werk thuiswerken minder voor de hand licht, zoals de horeca, de bouw en de zorg, is de toename van thuiswerken naar verwachting beperkt.

Zouden werkenden de vrij keuze hebben, dan zouden zij gemiddeld negen uur thuis willen werken. Werkenden verwachten maar tegen weinig beperkingen van bijvoorbeeld de werkgever aan te lopen bij het uitbreiden van de hoeveelheid uren thuiswerken. Een toename in het aantal thuiswerkuren is, binnen grenzen, doorgaans aantrekkelijk voor werkgevers. Diverse onderzoeken laten zien dat thuiswerken meestal leidt tot een stijging in de productiviteit. Dat vereist dan wel dat aan bepaalde randvoorwaarden is voldaan, zoals een goede IT-infrastructuur en een goed ingerichte werkplek. Ook laat onderzoek zien dat een minimale hoeveelheid face-to-face-contact op het werk nodig blijft om het werk goed te kunnen blijven doen.

Bron: CPB